Debuterende spelers en openingsrepertoires
Geplaatst 17 september 2010
Het eerste aan- en optreden van de heren Dig de Graaf en Ibrahim Bajramovic in de interne competitie van het seizoen 2010-2011 was kort maar krachtig. Bajramovic die last van een stijve nek had kon daardoor blijkbaar bepaalde velden op het bord niet (over)zien, want nadat hij slecht uit de opening kwam overzag hij diverse witte dreigingen, waardoor de stukken weer snel in het doosje konden.
De “topper” van de avond was de partij tussen Johnny van de Berge en Rick van de Breevaart. Van de Breevaart bediende zich een keer van het Hollands, wat hem een dubbele f-pion opleverde. Van de Berge probeerde druk te zetten op de niet gerokeerde zwarte koning. Toen van de Breevaart verzuimde om actief tegenspel te ontwikkelen en daarbij zelfs nog een toren liet instaan was het pleit beslecht.
Naast van de Breevaart probeerde Andries de Meyer ook eens een andere opening dan hij gebruikelijk speelt. Daar waar hij al seizoenen de Reti of het Catalaans op het bord brengt speelde hij nu het degelijke oud en vertrouwde Colle-systeem. Tegenstander Wilco Lindhout was niet onder de indruk van de afwijkende openingskeuze en kwam langzaam maar zeker twee pionnen voor. Bij De Meyer leek alles tegen te zitten. Zeker na zijn “briljante“ koningsmanoeuvre Kg1-f1 gevolgd door Kf1-g1. Maar soms heeft iemand gewoon het geluk dat zijn tegenstander mat in 1 over het hoofd ziet…
De eerste partij van William Flikweert bij de senioren was een zeer verdienstelijke. Om zijn 50%-doelstelling te bereiken moest Corne Niemantsverdriet winnen. Dit lukte uiteindelijk wel, maar daar waren heel wat zetjes in de tijdnoodfase voor nodig.
Marcel van de Berge had zijn eigen manier om de tijdnoodfase te vergemakkelijken. Hoe dichter de klok bij je staat hoe sneller je hem kunt indrukken. Als 1 kant van het bord helemaal leeg is kun je dan ook makkelijk de klok op het bord zetten. En het resultaat was er ook naar: met nog 1 seconde te gaan ging hij mat (dus niet op tijd verloren!). Alvorens het zo ver was maakte hij het Sebastiaan Koedoot nog flink lastig, maar deze wist door de combinatie van een paard-penning en matdreiging een pion te winnen, waarna hij de witte stelling kon binnendringen en het figuurlijke kaartenhuis in elkaar stortte.